Ga naar de inhoud

Wat ik zie in de rijstvelden op Bali: van padi tot nasi

Rijstvelden op Bali - rijst verbouwen op Bali
Over kijken, werken en verantwoordelijkheid in een landschap dat verandert

Soms ben je tijdens het reizen precies op de juiste tijd op de juiste plek. Hoewel we vorig jaar al genoten van de rijstvelden op Bali, is het begin van het jaar de tijd dat die rijst geplant wordt. Op weg van het vliegveld zagen we al op verschillende plekken mensen in de velden druk aan het werk. Ik kon dan ook niet anders dan direct op pad gaan met mijn camera.

Vanuit ons resort loop je direct tussen de velden. Langs de weg stonden al heel veel scooters, een bewijs dat de eigenaar ergens aan de slag is. Ik zag mensen die de aarde omvoelden, mensen tot hun enkels in de modder om de plantjes op de juiste plek te zetten. En hoewel het nog niet eens middag was, liep het zweet al in straaltjes over mijn rug. Ik kan me niet voorstellen hoe het moet zijn om onder deze omstandigheden dit werk te doen.

Toen ik terugkwam, liep ik Putu tegen het lijf. Hij zag dat ik mijn camera bij me had en ik vertelde over de rijstvelden. “Zal ik je anders meenemen in mijn buggy, zodat je nog meer kunt zien?” vraagt hij. En hoewel het idee me aanstaat, ben ik ondertussen praktisch gesmolten. Het lijkt me beter om wat eerder op de dag te gaan. Dat is gelukkig geen probleem, en dus spreken we af om de volgende dag op tijd te vertrekken.

Rijstvelden op Bali

Al eerder ging ik samen met mijn man mee met Putu. Hij liet ons zien hoe mensen hier op Bali wonen en vertelde ons van alles over de Balinese cultuur. Daarna reden we door de rijstvelden en wees hij ons op al het fruit dat langs de weg groeide. Ook de chilipepers en andere lokale groentes wist hij zonder problemen te vinden. Vooral de citroengras, vers geplukt en open gebarsten, is me bijgebleven.

Later gingen we met een tour op zoek naar het hart van Bali. Ook hier stopten we bij de rijstvelden. Eerst langs een lokale weg, waar het heerlijk rustig was. Daarna reden we door naar de plek waar heel toeristisch Bali naar toe leek te trekken. Ook hier waren de rijstvelden prachtig, maar de drukte eromheen, de opgezette kraampjes vol handelswaren, deden af aan de authentieke ervaring.

Dat de rijstvelden hier nog zo prominent aanwezig zijn, is niet toevallig. Iedere familie heeft naast de compound ook een rijstveld. Vroeger moesten ze hier van leven; nu is de opbrengst niet meer voldoende om in het levensonderhoud te voorzien. Maar het blijft een belangrijke bron van inkomen. Twee tot drie keer per jaar wordt de rijst geplant en geoogst en begin januari is het tijd om de planten.

Atelier | De Kunst van het Kijken

In Atelier neem ik je mee in mijn wereld als documentaire verhalenverteller. Hier ontstaat mijn werk: ongepolijst, zoekend en persoonlijk.

–> Lees gratis mee

De verschillende namen van rijst

De titel van Putu is “happiness manager“. Met zijn elektrische buggy brengt hij mensen naar het strand of laat hij de omgeving zien. Je herkent hem al van verre; hij heeft altijd zijn strooien hoedje op. Zijn manier van vertellen neemt je mee in een wereld die je niet kent, met de nodige grapjes tussendoor. “Same same but different” zegt hij steevast bij onze vergelijkingen, en elke keer moet ik daar weer om lachen.

Op vrijdagochtend stap ik naast hem in de buggy en gaan we op pad. Het voordeel dat ik nu alleen met hem op pad ga, is dat we kunnen stoppen waar ik wil en dat ik kan vragen wat ik wil weten. Het duurt dan ook niet lang voor we de eerste stop maken en Putu me uitlegt wat we zien.

De vorige keer heeft Putu al uitgelegd dat rijst niet zomaar rijst is. In het Indonesisch zijn er verschillende woorden die je vertellen in welke fase de rijst zich bevindt. De planten in het rijstveld noem je padi. Zodra de plant geoogst wordt, heb je het over gabah, de rijst met vlies. Daarna wordt het beras, de ongekookte rijst zonder vlies. Vervolgens kan de rijst gekookt worden, nasi of gebruikt worden voor een pap, bubur.

Ik vind het fascinerend dat er zoveel woorden zijn voor één product. In het Nederlands kunnen we het hebben over zaden of korrels, maar het blijft allemaal rijst. Ergens voelt het wel logisch dat elke fase zijn eigen benaming heeft. Het maakt direct duidelijk waar in het proces je je bevindt.

Rijst verbouwen op Bali

Samen met Putu rijd ik door de omgeving rondom het resort. Overal zien we rijstvelden, maar niet overal is het proces al even ver. Zo krijg ik een duidelijk beeld van het verbouwen van de rijst. Alles wat ik niet begrijp, vraag ik; als ik iets zie wat ik nog niet eerder zag, wijs ik het aan. Tegen het einde van de rit hebben we (los van het daadwerkelijke oogsten) alles gezien wat er bij het verbouwen van rijst komt kijken.

Het begint met de gabah. Dit is het product dat gekocht wordt om in de velden te zaaien. Een klein stukje land wordt ingezaaid en deze stukken vallen het meest op door de felgorene kleur. De plantjes staan heel dicht op elkaar en zodra ze groot genoeg zijn, worden ze verplaatst.

Rijstvelden op Bali gabah het startpunt van het verbouwen van rijst

Voordat dat kan gebeuren, moet het land eerst grasvrij worden gemaakt en omgeploegd. Het eerste gaat vaak genoeg met de hand; het tweede wordt makkelijker gemaakt met behulp van een dieselmotor. Elke boer wordt achtervolgd door een heel rijtje vogels die afkomen op de wormen en andere beestjes die naar boven komen door het ploegen.

Zodra het land omgeploegd is, moet er genoeg water instaan. Het is het regenseizoen en er komt genoeg water naar beneden. Met behulp van kleine kanaaltjes wordt dit over de terrassen verdeeld. Het is nu tijd om vies te worden en de plantjes op de juiste plek te zetten. Met een bosje in de hand lopen de mensen achteruit over het veld en planten ze elke keer een plantje tussen hun voeten.

Rijstvelden op Bali rijst planten in de aarde

Daarna is het tijd om te wachten tot de rijst gaat groeien. Zodra de rijst iets groter is, wordt het onkruid tussen de planten geplukt om de planten meer ruimte te geven om te groeien. Het water verdwijnt dan ook uit de velden. Het duurt 2 tot 3 maanden voordat de rijst groot genoeg is om te oogsten.

Het verwerken van de rijst

We stoppen onderweg bij een fabriekje dat zich heeft gespecialiseerd in het verwerken van gabah. Dit is de rijst die van het land komt en deze rijst moet eerst drogen. We hebben dit al eerder gezien, vaak liggen er grote matten langs de weg met gabah. Maar je kunt de gabah dus verkopen aan deze fabriek en dan verwerken zij het tot beras.

In het midden van de hal staat een groot apparaat waar de gabah in gegoten wordt. Er komen dan drie eindproducten uit: de harde vliesjes die gebruikt worden als compost, de zachte resten die gebruikt worden om de dieren te voeren en de derde is beras. Die laatste wordt in zakken van verschillende groottes geschept met de hand om verkocht te worden. De meeste zaken zijn 10 of 20 kilo, maar voor mij laat het vrouwtje even zien dat ze ook 1 of 2 kilo heeft.

Later die week zie ik deze zaken in een klein lokaal supermarktje liggen en koop ik een 2-kilo-zak. Daar kunnen wij wel even mee vooruit. Voor een gemiddeld indonesisch gezin is dat voldoende voor 1 dag. Niet zo gek als elke maaltijd bestaat uit nasi of bubur.

Terwijl ik daar sta en kijk, merk ik opnieuw hoezeer fotografie me dwingt om anders te kijken. Niet alleen naar vorm en kleur, maar naar wat er onder de oppervlakte gebeurt. Iets wat ik eerder ook ontdekte in mijn experiment met zwart-witfotografie.

Verdwijnen de rijstvelden op Bali?

Het valt me op dat in de meeste rijstvelden oudere mensen aan het werk zijn. Ik heb nog geen jongeren gezien en ook Putu vertelt dat zijn ouders degene zijn die het planten voor hun rekening nemen. Aangezien het niet langer mogelijk is om van de rijstvelden te leven, hebben veel jongeren een andere baan.

Daar komt bij dat de kosten van het verbouwen van rijst vaak hoger liggen dan de opbrengst. De prijs van de rijst heeft te lijden onder de door de overheid geimporteerde rijst. Het wordt voor veel mensen dan interessanter om hun land te verkopen aan westerse investeerders. Hoewel de regelgeving strenger is geworden, zijn de mensen slim in het bedenken van workarounds.

Zo worden rijstvelden droog gehouden en beplant met bananenbomen. Na een aantal jaar kunnen ze dan aantonen dat het land niet meer geschikt is om rijst op te verbouwen en kan het verkocht worden. Ik kan het ze niet kwalijk nemen, want dit is de snelste manier om ‘rijk’ te worden, om een ander leven te creëren. Maar ik vraag me af hoe deze omgeving er over 15 jaar uitziet.

Een persoonlijke reflectie

Ongemerkt zijn we al ruim 1,5 uur aan het rijden. Het is tijd om terug te keren naar het resort. Met een gemengd gevoel keer ik terug. Eerder liep ik langs de weg en bekroop me dat gevoel ook al. Na een stukje wandelen of rijden heb ik prachtige beelden, maar ik zou dit werk niet willen doen. Als ik al zweet terwijl ik op mijn gemak wandel, dan wil ik niet weten hoe het is om midden in de zon in zo’n veld te staan.

Het verbouwen van rijst vraagt weken van hard werken, gevolgd door afwachten. Je hebt geen invloed op regen of wind. Zodra de rijst groeit, vinden vogels en muizen hun weg naar het veld. Je hangt plastic zakken op, in de hoop dat het genoeg is. En als de oogst goed is, dan moet het maar net een verkiezingsjaar zijn, zodat de prijs hoog genoeg ligt om opnieuw te kunnen beginnen.

En dan is er die andere kant. De toerist — ik — die het hier zo mooi vindt. Die rust zoekt, ruimte, rendement. Ik begrijp het. Het is hier prettig. Goedkoop. Stil. Totdat blijkt dat tachtig procent van het land al verkocht is en de komende jaren ontwikkeld wordt. Dan woon je niet meer tussen rijstvelden, maar tussen bouwputten.

Het Bali dat ik ken zal verdwijnen. Het is geen kwestie van of, maar wanneer. En ik draag daaraan bij door hier te zijn. Is niet komen beter? Ik weet alleen dat blijven kijken geen neutrale keuze is.

Wat ik zie in de rijstvelden op Bali van padi tot nasi

Rieneke Schokker

Als reisfotograaf leg ik vast wat zich onderweg aandient. Deze momenten krijgen vorm als fine art prints met een verhaal, bedoeld om rust, aandacht en klein geluk in huis te brengen.

© 2024-2026 Rieneke Schokker OÜ